Five days in paradise

In Travel

TAO-130

Vanaf het vliegveld in Puerto Princessa zetten we per minivan koers richting El Nido. In het busje kwamen we er achter dat toeteren in de Filipijnen een hele andere functie heeft dan in Nederland. Hier toeteren mensen om te zeggen: ik kom eraan. Bij alles en iedereen die je onderweg tegenkomt wordt er dus uitvoerig getoeterd. Hond op de weg? Toeeeeet. Spelende kinderen? Toet toeeeet. Tegenligger? Toeeeet. Laten we het erop houden dat je na zes uur rijden de rest van je leven geen toeter meer kunt horen.

El Nido is het vetrekpunt voor de eilandhoptours door de Bacuit Archipelago, een paradijselijke eilandengroep. Net als de vorige nachten kwamen we op de bonnefooi aan in het stadje, we hadden dus niks geregeld of geboekt. Tot nu toe was dat geen probleem, maar al snel bleek dat ALLES volgeboekt was. Na een uur zoeken kwamen we vermoeid, bezweet en vies aan bij het zoveelste hotel. Ook hier was geen plek, maar de meneer achter de balie bood ons wel een slaapplek op de vloer van het restaurant aan. Wel moesten we om 5 uur weer weg zijn omdat ze dan aan het ontbijt beginnen. Tsja, je moet toch wat. Dus daar lagen we dan.

TAO-36
TAO-51
TAO-35
TAO-140
TAO-97
TAO-30
TAO-19
TAO-20

Tao Expedition

Van Charlotte hoorde ik dat we in de Filipijnen een ding niet mochten missen, en dat is de Tao Expedition. Deze vijfdaagse expeditie brengt je naar de meest verlaten plekjes van de Filipijnen. Dat leek ons wel wat, dus ver voor de reis probeerde ik al te boeken. Alles vol. Omdat we toch zo vroeg uit de veren waren besloten we eigenwijs toch langs het kantoortje (lees: rieten hut) van Tao te gaan om te vragen of er een mogelijkheid was om last minute mee te gaan. “Op de expeditie van vandaag, bedoel je?”, vroegen ze. Ehm, ja? De tocht vertrekt maar eens per week, dus we hadden meteen al ongelooflijk veel geluk. Terwijl ze keken of ze iets voor ons konden doen, stelden ze ons allerlei vragen, vulden we formulieren in en uiteindelijk mochten we – HOERA! – mee. Zo zie je maar weer: the early bird gets the worm. Met een bootje werden we naar de rest van onze groep gebracht. Daar zetten we voet aan land op een prachtig verlaten strand. Tientallen palmbomen, schelpen zo groot als je gezicht, kokosnoten her en der. De groep, 20 mensen van het goede leven, was aan het frisbeeën, voetbalde of dronk een biertje, zittend op een omgevallen palmboom. We voelden ons direct thuis meer dan thuis.

Tijdens de expeditie breng je een groot deel van de dag op zee door en maak je tussenstops op tussengelegen eilanden. Tegen zonsondergang kwamen we bij onze eerste slaapplek aan: een verlaten strand met rieten hutjes. Het was als een droom, zo mooi. Zo mooi dat je het bijna niet kan bevatten. Lopend over het strand had ik het niet meer. Zoveel moois, zo perfect, hoe?! Gisteravond lagen we nog op de vloer van een restaurant, nu ben ik op de mooiste plek die ik ooit in mijn leven heb gezien. Na aankomst op het strand werd er fantastisch voor ons gekookt, we douchten met een bak water en een emmertje en we leerden de groep beter kennen. We vielen in slaap bij het ruisen van de zee.

TAO-108

Uit de veren

Ik werd om 6 uur wakker en ging meteen uit bed om de zon te zien opkomen. Vanuit je bed stap je rechtstreeks in het zand. Ik liep alleen over het strand totdat twee hondjes naast me kwamen lopen. Als groot honden- en eilandenliefhebber kreeg ik acuut een soort geluksoverdosis. Het was al zo perfect en dan ook nog honden om mee te knuffelen?! Wauw. Dit kon onmogelijk beter worden. Oh nee, toch wel. Na het ontbijt kregen we namelijk een ook nog eens een massage op het strand. Gewoon, op een bedje onder de palmbomen.

Vervolgens zetten we koers naar Nacpan. Daar kregen we van heel dichtbij een kijkje het leven van Mimi, een van de crewmembers. Er kwam net een vissersboot aangemeerd met een flinke inktvisvangst. Wij hielpen de dieren eet-klaar te maken. Ook kregen we een hanengevecht te zien, een traditie in de Filipijnen. Normaal gesproken hebben de hanen messen aan hun poten, gelukkig was dit een oefengevecht. ’s Avonds meerden we aan bij weer een schitterend verlaten eiland. De jongens van de crew klommen zonder problemen tot in de top van een palmboom om een tros kokosnoten uit te hakken. Een gehalveerde kokosnoot doet trouwens prima dienst als ontbijtbakje: fruit en rijstepap erin en smullen maar. Na het ontbijt snorkelden we rondom een gezonken schip. Zoveel vissen en zoveel koraal, het was weer waanzinnig en haast teveel.

De vissen worden gevangen waar je bij staat

Het eten dat je tijdens de expeditie eet is verser dan vers. De vissen worden gevangen waar je bij staat en als je aan het begin van de dag levende kippen aan boord hebt, eet je die tijdens de lunch. Op een dag was er een varken aan boord, al snel door ons omgedoopt tot Larry. Larry zat aan een touwtje en was heel onrustig, ze vond het overduidelijk maar niks. Zodra ik in de buurt kwam was ze meteen stil. Ik ging bij haar zitten en net als door een hond werd ik uitgebreid besnuffeld. Ze legde haar kop op mijn schoot en drukte zich dicht tegen me aan. Niet veel later probeerde ze op schoot te springen. Ik heb nooit geweten dat varkens zo ontzettend aanhankelijk zijn. Zodra ik wegliep begon ze weer herrie te maken. Ik hoef jullie dus vast niet uit te leggen dat ik de hele dag bij Larry zat. Maar ja: je weet wat er komen gaat. Iedereen kreeg de keuze om uit te rusten op het strand of om te blijven. Wij bleven. Niet omdat ik dat zo leuk vind, maar omdat het goed is je bewust te zijn van wat je eet. Het vlees dat we in Nederland kopen is gereduceerd tot simpelweg een stuk vlees: aan het dier dat het ooit was denk je niet. Hier keek zo’n dier me recht in de ogen. Larry werd losgemaakt en de pootjes vastgebonden. Met drie mensen werd hij tegen de grond gehouden en het was aan expeditiegenoot Chris de taak een eind aan Larry te maken. ‘Gelukkig’ was het snel voorbij, hij wist haar direct in het hart te raken. ’s Avonds aten we het vlees, geroosterd aan het spit. Ondanks dat het vast fantastisch was, smaakte het me absoluut niet.

Vijf dagen in het paradijs

Ik had nooit verwacht wat voor gigantische impact deze vijf dagen op mij zouden hebben. Ja, je krijgt de mooiste plekjes op aarde te zien. Je hebt lol met elkaar, zingt videoke, zwemt tussen de kleurrijkste vissen, geniet van de prachtige zonsondergangen en het zand tussen je tenen. Maar het gaat veel verder dan dat. Je bent vijf dagen compleet afgesloten van de buitenwereld en gaat op in het leven van de eilandbewoners. Ik merkte dat vijf dagen zonder wifi wonderen deed voor sociale interactie. We hadden lange, goede gesprekken met elkaar zonder tussendoor op een schermpje te kijken. Je gaat ook met een boel vragen naar huis. Is een half uur douchen echt nodig als je het met drie emmers koud water ook redt? En vooral: waar ligt mijn eigen verantwoordelijkheid als het op dierenleed aankomt?

Mocht je ooit naar de Filipijnen gaan, dan druk ik je een ding op het hart. Ga mee met deze expeditie. Het worden de vijf mooiste dagen van je leven.